Ons bindt de vriendschap en de wijn brengt ons vreugde

Botrytisbestrijding

Bestrijding van Botrytis met biologische middelen

Inleiding

Het jaar 2013 kan wel eens een moeizaam botrytisjaar worden door de vele bloesemresten die er op de steeltjes zijn achtergebleven. Dit artikel gaat over het bestrijden van Botrytis met micro-organismen in plaats van chemische middelen.

Door het afwijkende verloop van de bloeiperiode 2013 met het op vele plaatsen natte en koude weer en de daardoor slecht schoongemaakte steeltjes – er bleven veel bloesemresten op de steeltjes achter – worden er in het komende najaar 2013 hoge eisen gesteld aan de bestrijding van Botrytis. Ondanks het ongunstige weer genieten veel wijngaarden nog van een goede gezondheid. Opdat dit ook zo blijft moet er bij aanhoudende vochtig-warme of warme weersomstandigheden scherp gelet worden op Grijze rot. In het algemeen wordt aan een behandeling kort voor het sluiten van de tros, als laatste mogelijkheid de binnenkant van de tros en de steeltjes te beschermen, het beste resultaat toegeschreven.

Infectiegevaar dankzij microscheurtjes

Botrytis cinerea kan op onrijpe trossen gevaarlijk worden voor de druiven door het opnemen van koolstof of stikstof uit zijn omgeving. In afgestorven weefsel, zoals restanten van bloesempjes, vindt de veroorzaker van de Grijze rot de voeding dankzij welke hij latent kan blijven tot er zich betere infectievoorwaarden voordoen in de rijpende tros. Alle chemische gewasbeschermingsmiddelen die als speciaal botryticide toegelaten zijn, werken bij de bestrijding remmend op het ontkiemen van de sporen en op het groeien van de kiembuis van de schimmel. In de rijpingsfase van de trossen neemt het aantal microscheurtjes in de bessenschil toe door het groeien, rijpen en verouderen van de bes. Door het vrijkomen van voedzame uitscheidingen op deze plekken is het gevaar van een botrytisinfectie heel groot. Bovendien is er dankzij beschadigingen en achtergebleven bloesemresten voeding op de trossen aanwezig.

Op dit punt grijpt de preventieve botrytisbestrijding aan met twee antagonistisch werkende stammen micro-organismen van de soort Aureobasidium pullulans. De voedingsstoffen op het oppervlak van de bes worden door de antagonist direct opgenomen en de voedingsbron wordt met een levend microbenschild omhuld. Aureobasidium pullulans concurreert zo op directe wijze met het schadelijke organisme Botrytis cinerea om de dringend nodige voedingsstoffen.

Biotechnologische productie van antagonisten

Een door de onderzoeksafdeling van de firma bio-ferm GmbH ontwikkeld biotechnologisch botryticide bestrijdt de Botrytis cinerea nu met behulp van Aureobasidium pullulans, waarvan de blastosporen [ongeslachtelijke sporen ontstaan door knopvorming] als een granulaatproduct beschikbaar zijn. De gebruikte stammen werden oorspronkelijk van de bladeren van een appelboom geïsoleerd. Ze werden in een trapsgewijze selectieprocedure voor het gebruik in de gewasbescherming uitgekozen en ze worden in een nieuw ontwikkeld biotechnologisch procedé vergist. De blastosporen worden in een steriele omgeving geproduceerd, geconcentreerd en tot granulaat verwerkt. Voor het toepassen wordt het product weer met water gemengd en het kan vervolgens op de gebruikelijke manieren direct in de troszone verspoten worden.

Figuur. De elektronenmicroscoop laat zien hoe A. pullulans de vrucht tegen schadelijke organis-men beschermt.
Biologische Botrytis bestrijding met Aureobasidium pullulans
Links: A. pullulans vestigt zich in een microscheurtje. Midden: door zijn snelle vermeerdering worden er voedingsstoffen opgenomen, waardoor de ontwikkeling van Botrytis cinerea (in blauw) wordt afgeremd. Rechts: het microscheurtje is afgedicht met A. pullulans. Een natuurlijke bescherming is aangelegd en het binnendringen van nieuwe Botrytis cinerea wordt verhinderd.

 

Botrytisreducerende werking in de volle grond

Om toelating te verkrijgen moeten de met het nieuwe product behandelde percelen in vergelijking met onbehandelde significante verschillen en een minstens zo goede of een betere werking laten zien dan reeds verkrijgbare gewasbescherming. (…) A. pullulans zorgde voor een extra vermindering van Grijze rot wanneer het naast chemische middelen gebruikt werd. Een vermindering van 12,8% aantasting (alleen chemisch) tot 6,8% (als derde bespuiting A. pullulans) en in een ander onderzoek, waarin ook een perceel met louter A. pullulans behandeld werd, een vermindering van 10% aantasting (alleen chemisch) tot 6,7% (alleen A. pullulans).
Het biotechnologische botryticide onder de handelsnaam ‘Botector’ is in Duitsland als ‘noodtoelating’ voor drie toepassingen toegelaten in de conventionele en ecologische productie. Het product werd diverse jaren in de volle grond beproefd en herhaalde vinificaties tonen aan dat er geen invloed is op de kwaliteit van de most en de wijn. In talrijke onderzoeken met A. pullulans werd het oogstgoed na de behandelingen apart vergist. Spontane vergistingen laten zien dat A. pullulans geen startproblemen of stoppende vergistingen veroorzaakt.

Resistentie – een gevaar van de traditionele fungiciden

Voor het bestrijden van Botrytis cinerea zijn er diverse chemische botryticiden op de markt die de sporen op de plant doden. Ze moeten preventief gebruikt worden, dus voordat er contact is tussen de plant en de veroorzaker. Verschillende groepen werkzame stoffen staan de gebruikers ter beschikking. Elke groep heeft een specifiek aangrijpingspunt in de stofwisseling van het schadelijke organisme. Botryticiden van een bepaalde groep mogen maar één maal per jaar gebruikt worden. Door het gebruik gedurende een aantal jaren kunnen er resistente stammen van het schadelijke organisme ontstaan, waardoor de desbetreffende werkzame stof minder werkzaam wordt. Door het antagonistische mechanisme van Aureobasidium pullulans kunnen er zich geen resistenties vormen en ook stammen die resistent zijn tegen een bepaalde chemische stof worden met succes bestreden. Anders dan bij traditionele fungiciden werkt het biotechnologische botryticide niet in op de stofwisseling van het schadelijke organisme, maar verhindert het zijn groei door het onttrekken van voedingsstoffen.

Ter informatie

Aureobasidium pullulans komt overal in de natuur voor. Daardoor is het niet alleen goed aangepast en droogtetolerant, maar ook ongevoelig voor zonlicht. De bij de registratie overlegde documenten bewijzen de toxicologische en ecotoxicologische onschadelijkheid. Daarom is er ook geen wachttijd na de behandeling. Het biedt de wijnboer ook in de laatste rijpingsfasen nog een betrouwbare mogelijkheid de rijpe druiven gezond te houden en de kwaliteit van het oogstgoed tot aan de oogst in stand te houden.

Toepassing: 0,4 kg/ha [4 gram per are]
Tijdstippen: BBCH 68 – 89 [aflopende bloei tot oogst]

A. pullulans wordt in diverse gewasculturen gebruikt en komt in veel producten in Europa en de USA voor. Zie ook www.bio-ferm.com
 

 

Bron: "Botrytisbekämpfung", door Dr. Doris Achleitner (Firma bio-ferm), Das Deutsche Weinmagazin, 20 juli 2013
Vertaling en bewerking: PS (juli 2013)