Ons bindt de vriendschap en de wijn brengt ons vreugde

Zomersnoei

Zomersnoei

We ontbladeren niet voor de bloei, tenzij we misbloei willen bevorderen (bijv. bij erg vaste trossen).

Vanaf einde bloei totdat de bessen de grootte hebben van erwt kunnen we ontbladeren. We doen dat geleidelijk aan, en niet als er de volgende dag zonnig heet weer verwacht word. Ook niet overdrijven. Bedoeling is dat er licht en lucht bij de trossen kan en dat ze bereikbaar zijn bij gewasbescherming. Als de bessen de grootte van een erwt hebben stoppen we met ontbladeren i.v.m. risico op zonnebrand.

Vlak voordat de opgaande twijgen “omvallen” ( = 50 á 60 cm boven de bovenste draad ) deze terugsnoeien tot tussen de bovenste twee draden. Zo laat mogelijk terugsnoeien, dit bevordert lossere trossen en is zo weer gunstig ter voorkoming van botrytus. De tweede keer snoeien we tot net boven de bovenste draad ( in die extra 10 cm is opslag van reservestoffen ) en indien nodig evt ook nog een derde keer.

In de druivenzône breken we tijdig de dieven uit. Bij toekomstige draagarmen doen we dat liever met een snoeischaar, zeker als ze al wat groter zijn, om de knoppen niet te beschadigen. Dieven boven de druivenzône zetten we op een blad ( of op twee ) en we laten max 25 flinke trossen rijpen.


Een goede beschrijving van de zomersnoei is ook te vinden op Wijnbouw.nl-zomersnoei.